zaterdag 1 augustus 2015

3 juli 2015 - Luxemburg - Vianden

Na gewekt te zijn geworden door een kerkklok die wel meer dan 100 keer achter elkaar aan het bellen was, alsof ze daar wisten dat ik nog een tijdje langer in bed zou blijven liggen tussen de sterk ronkende Roemenen (vermoed ik) die laat in de avond (terwijl ik al lag te slapen) mijn kamer binnenkwamen. Ze spraken in ieder geval geen Engels met elkaar... Awel, ik zou al vroeg op pad gaan, daar valt geen misverstand om te creëren. Zo begon dag 2 van mijn reis door Luxemburg, na de eerste dag door de Gaumestreek gehad te hebben.

Vandaag staat de gelijknamige hoofdstad van het land waarin ik mij nu begeef op het programma, met nog ruimte om ergens anders naartoe te gaan en dat werd Vianden.

De foto's staan HIER, de kwaliteit van de plaatjes zijn bij het verwerken wat achteruit gegaan, hoewel de originele nog gewoon goed zijn... hoe dan ook, hier staan alvast wat van de hoofdstad:

Het Groothertoglijk paleis met het parlement er tegenaan (rechts)
Blik op de wolkenkrabbers in de verte

De route

Kort samengevat: van de plek van het hostel in Hollenfels naar Luxemburg en daar vertieren per benenwagen. Als dat alles zou zijn, zou ik hierover geen blog geschreven hebben met een hoofdstuk die gewijd is over een enorm eenzijdige route. Bus 431 nam de rit van Hollenfels naar Mersch voor haar rekening, waarna een RegionalExpress (equivalent voor sneltrein) met RegionalBahn (equivalent voor stoptrein) de ganse meute bracht naar Luxemburg stad.

Naar Vianden rekenen op de RegionalExpress - ditmaal in de intercity naar Liers en dat is inderdaad een heuse intercity die wordt uitgevoerd door de NMBS. Er zijn twee leuke dingen te bespeuren in deze trein, een heus leuke en een cynisch leuke: het heuze leuke is dat deze trein getrokken wordt door een Luxemburgse loc, met intercityrijtuigen van het type I10 met gordijnen en wel erg luxueus uitziende, dikke stoelen (geen platte pauper met een kleedje er omheen) die ook nog eens een stofje bevatten. Het cynisch leuke is dat deze trein eens in de twee uur rijdt, daarmee basta. Deze intercity brengt mij naar Ettelbruck waar ik een nijpende vijf minuten vertraging zou hebben op bus 570. Ik was toch echt op tijd, maar ik zag helemaal geen bus. De vertrektijd ging voorbij en ik begon het verdacht te vinden. Ik sloeg het bord met alle vertrekkende bussen op de dag aan en inderdaad, daar stond hij gewoon. Ik vroeg een persoon van het personeel van de CFL - in het Duits! - over hoe het zat met deze bus en deze wees mij op een klein papiertje tussen de dienstregelingen in die vertelde dat de vertreklokaties van een aantal buslijnen verplaatst zijn naar een parkeerplaats in de buurt. Dat was mij compleet ontgaan en zo kon ik wachten op de volgende bus. Gelukkig duurde het wachten in de slopende warmte niet lang (ook nog eens nauwelijks afdak aan die parkeerplaats behalve een betonnen wantoestand met evenmin aanlokkelijke personen eronder).

Vanuit Vianden nam ik de eerste de beste bus die ik tegenkwam aan halte Bréck van bus 570, waarmee ik aan de halte Bleesbréck zou overstappen op bus 502 naar Beaufort, maar ik vreesde het ergste toen ik in de bus mijn planning er nog eens op nasloeg: ik zou de aansluiting onmogelijk kunnen halen met een aankomsttijd die vijf minuten later was dan mijn geplande bus... erger nog: het werd ditmaal een uur wachten aan deze halte in het midden van een erg drukke regionale weg, gelegen aan en camping, praktisch ver buiten de bebouwde kom, zonder café of wat dan ook. Een bushokje en een boom waren de enige plekken die mij een plek voor broodnodige verkoeling konden bieden... tijdens mijn verblijf in mijn bushokje stopten werkelijk alle bussen die voorbij kwamen voor mij, zonder dat ik er een arm voor uitstak. Ik denk dat dat de standaard handelswijze is voor de bussen daar, maar dat zou ook kunnen komen omdat alle bussen naar Ettelbruck gingen via Diekirch...

In Vianden, blik op de Our en het kasteel op de heuvel

Ik kwam, toen de volgende bus 502 aankwam, er nog even haarfijn achter waarom die chauffeurs altijd stoppen wanneer iemand zich in het hokje bevindt of op het bankje ernaast: aan een halte lag een mevrouw te slapen, ze leek flauw gevallen te zijn door de hitte (die lag er ook nu niet echt in een natuurlijke houding bij) en daarop rende een man naar de vrouw toe, maar tot mijn verbazing (categorie: wat ís dit?) schudt die man haar ruw wakker en zij blijkt de dochter van de man te zijn. Hij was helemaal boos terwijl zij helemaal de weg kwijt was van de hitte. Ze werd de bus in geleid en zo konden we na deze 'opschudding' weer onderweg naar Beaufort.

De reis zelf

De tocht door Luxemburg stad was er een die integraal per voet werd afgelegd, geen bus kwam daar aan te pas. Er was sprake van vergelijkbare temperaturen met gisteren, al leek het nu iets warmer te zijn. Al voor de eerste grote brug vanaf het station naar het stadshart was ik ietwat aan de vermoeide kant, maar ik was maar net begonnen, dus doorzetten was het antwoord. De Adolphe-brug zag er heel anders uit dat dat ik me voorstelde: er was een blauwe bouwval verrezen waar alles overheen reed en al snel werd mij duidelijk waarom hier een blauwe brug stond: de Adolphe-brug werd gerestaureerd en daarom was deze helemaal ingepakt in een gigantisch wit laken met een heel groot opschrift in de vorm van een URL in het Frans en in het Duits aan beide zijden van de brug, in het standaardlettertype Calibri (je hoeft geen IT te studeren of je herkent het direct als je een paar keer met Word gewerkt hebt).

Langs de kathedraal en het Groothertoglijk paleis begaf ik mij naar de Kazematten, de alom bekende grotten en een ongeschreven must is voor iedere standaardtoerist die de stad bezoekt. Nu wil ik mezelf niet echt tot een standaardtoerist rekenen, maar ach, een stadswandeling blijft een ordinaire stadswandeling onder het mom van ik-ben-hier-nog-nooit-geweest-en-ik-wil-de-mooiste-plekken-zien-nu-ik-er-toch-ben. Ik heb overigens nog niet eens alles gezien van de stad, kun je nagaan...

Na een tocht door de - gelukkig - koele grotten waarin ik ook nog een keer in verdwaalde (ik liep geloof ik dezelfde trap twee keer op en af) kon ik weer de hitte in en zo was het tijd voor mij om wat te eten. Ik had geen zin om weer de Quick binnen te lopen of de Subway in te gaan die ik tegen kwam en zo kwam ik binnen bij een broodjeszaak met zicht op het station. Alles verliep daar in het Frans, dus ik kon weer mijn beperkte Frans tevoorschijn toveren. Het was een erg lekker gehaktbroodje dat ik daar verorberde, tezamen met 'bleu' gekleurde granita. Een kennis uit Italië zei eens dat als er granita's worden gemaakt buiten Italië en wanneer ze niet door een Italiaan gemaakt en/of verkocht worden, dat het eenvoudigweg troep is en daar moest ik toch wel even aan denken toen ik deze bestelde. Het smaakte desondanks erg goed en dat maakt me wel nieuwsgierig naar hoe een granita in Italië zelf dan wel mag smaken.

Verfrist en met een gevulde maag begaf ik me naar het station voor de trein naar Ettelbruck en de bus naar Vianden. Dat is nog eens een compleet andere omgeving dan de stad zelf, hoewel het ook op een reeks heuvels is gebouwd. Hier keek ik daarentegen op tegen de heuvel terwijl ik in Luxemburg eerder in het dal keek vanaf de randen van de brug of de heuvels zelf die onderdeel waren van de vesting die Luxemburg stad vormt. Aan de top van deze heuvel in Vianden staat een kasteel en ik besloot vanaf de bus de heuvel op te klimmen, maar ik kwam halverwege nadat ik verkeerd gelopen was keerde ik weer terug naar de bus.

De route naar Beaufort was zoals al in het hoofdstuk van de route beschreven verre van vlot, maar de rit verliep wel rustig en uiteindelijk ook nog zonder verdere problemen. Eenmaal in het hostel kwam daar de grootste verrassing van deze dag: er was geen enkele gast. Werkelijk helemaal niemand, op twee personeelsleden na. Ik heb daar in mijn eentje gegeten en gedronken, maar wel onder het geluid van Luxemburgse radio.

De resumptie (begint immers ook met een R)

Het land mag klein zijn en de stad niet van het formaat Amsterdam, het benodigt wel langer dan een dag om bij de belangrijkste spots te komen. Ook is het niet handig om alsnog een bus te nemen terwijl ik al aan kan zien komen dat ik de aansluiting ga missen, puur om zo te voorkomen dat ik een uur moet gaan wachten in het midden van nergens.
Te Luxemburg stond daar de TGV naar Parijs Oost
Meer Frans materieel links in het blauw, samen met het identieke zusje ervan rechts, in het rood

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen